LEZEN Mark. 2:13-17
En Hij … zag Levi, de zoon van Alfeüs , in het tolhuis zitten en zei tegen hem: Volg Mij! En hij stond op en volgde hem. – Mark.2:14
Na Zijn genezing en vergeving van de verlamde gaat Jezus verder. Hij gaat naar de zee van Galilea. Daar staat een tolhuis, waar belasting wordt geheven. Daar zit Levi, de tollenaar, mogelijk de chef van dit kantoor. Hij werkt voor de romeinse overheid, en staat daardoor niet in een goed daglicht. Tollenaars werden gezien als mensen die het voorzien hebben op het geld van een ander. Daar gaat hun hart naar uit. Ze zijn niet alleen zondig maar ook nog eens gehaat door de bevolking.
Uit niets blijkt dat deze Levi op de Heere Jezus zit te wachten. Maar Jezus ziet hem zitten. Dat “zien” is meer dan opmerken, het is doorzien. Jezus ziet in hem een zondaar, die ziek is. Verslaafd aan de Mammon. Gaat Jezus hem dan voorbij? Nee, Hij roept hem toe, als met een bevel: volg Mij! Dat is meer dan: sluit je aan bij de menigte die mij volgt. Het betekent: laat je werk en geld liggen en kom nu achter Mij aan. Bekeer je, gehoorzaam Mij en zoek het bij Mij. Net zo wonderlijk als de verlamde kon staan op Jezus’ bevel, zo is het nu als deze tollenaar gaat staan en Hem volgt zonder enige tegenwerping.
Jezus bewerkt een ware bekering. Levi zoekt zijn heil nu bij Jezus. Maar waarom nodigt hij dan andere tollenaars en zondaars uit om met Jezus en de discipelen een maaltijd te houden? Kan Jezus daaraan zomaar deelnemen, zo verwijten de Schriftgeleerden en Farizeeën. Ze zien Levi en de anderen als zondaren, die zich niet sober gedragen. Daar kun je je toch niet mee inlaten?
Maar Jezus keurt het leventje van deze mensen niet goed. Hij zegt juist: Ik ben gekomen om zondaars tot bekering te roepen. Dat geldt hen allemaal. Levi heeft dit begrepen. En in hoeverre de genodigden dat hebben begrepen weten we niet. Maar de Schriftgeleerden en Farizeeën weten zich niet aangesproken. Ze voelen zich geestelijk gezond en hebben geen dokter nodig. Dat laat de Heere hen weten om hen tot nadenken te dwingen.
In hoeverre heb jij als gelovige de Heere nog nodig?
Zingen: Ps. 24:2
