LEZEN: Jes. 14:1-15
Want de HEERE zal Zich over Jakob ontfermen en Hij zal Israël nog verkiezen, Hij zal hen neerzetten op hun eigen grond. De vreemdeling zal zich bij hen aansluiten en zich bij het huis van Jakob voegen. – Jes. 14:1
Jesaja geeft hier een extra reden voor Gods verwoesting van Babel. God zal Zich weer over Zijn volk ontfermen en het (door het besluit van Kores) weer terugleiden naar zijn eigen land van waaruit het was weggevoerd. Dat is uiting van Gods verkiezende genade, van Zijn liefde en trouw.
Het volk dat God uit Egypte had geleid naar Kanaän, verdient dit niet, want het is God ontrouw geweest. Maar nu het gestraft is, ziet God weer om naar Zijn volk. Het mag weer in rust leven in eigen land na alle verdrukking onder de overheersers. Die rust zal er pas echt zijn als Christus betaalt voor de vergeving van hun zonden.
Ook vreemdelingen zullen zich nu bij Gods volk aansluiten (vs.1). Bedoeld wordt dat ook heidenen zullen delen in de rust van het Koninkrijk van God. Het wordt hier op oud-testamentische wijze uitgewerkt. Zoals beloofd mogen vreemdelingen uit alle volken delen in de zegen van Abraham, bewerkt door Christus, niet als overheersers maar als dienstknechten.
Dan volgt een spotlied op Babels ondergang en op de dood van de koning van Babel. De vraag is: mogen wij wel spotten met het leed van anderen? We mogen niet spotten als leedvermaak maar alleen om Gods wijze raad en Gods rechtvaardig oordeel te prijzen (Ps. 2:4; Ps. 59:9; Jes. 37:22; 2 Kon 19:21). Het zijn hier Gods eigen woorden, die Jesaja Israël op de lippen legt.
Hier is sprake van de spot van God Zelf over de hoogmoedigen van de aarde die zich opstandig tegen Hem hebben verheven. Hoewel zij instrument waren in Zijn hand om Zijn volk te tuchtigen, hebben ze zich beroemd op hun eigen kracht, God veracht en Gods volk mateloos onderdrukt (Deut. 32:27,36). Zo hebben ze zelf Gods oordeel over zich afgeroepen.
Had Israël het verdiend dat God naar hen omzag?
Zingen: Ps. 2:2,4
