LEZEN: Jes. 33:10-24: … Uw ogen zullen Jeruzalem zien, een veilige woonplaats, … Want de HEERE zal daar in Zijn macht bij ons zijn. Het zal een plaats van rivieren, van brede stromen zijn. … De HEERE is immers onze Rechter, … onze Koning; Híj zal ons verlossen …
In dit hoofdstuk horen we van de overwinning van God op Zijn vijanden, waarbij Hij Zich vol ontferming bekommert over de trouwe rest van Zijn volk. Tegelijk spreekt Hij ook recht en oordeelt Hij over wie zich onder Zijn volk van Hem heeft afgewend.
De tekening van Assyriers die optrekken tegen Jeruzalem waarvan het volk grotendeels afvallig is, verwijst al naar de het laatste oordeel. Dan zal immers voor de rest van de kerk blijken dat de zaak van de kerk de zaak van Christus is (art. 37 NGB). Dan zullen allen die Christus afgewezen en doorstoken hebben – heidenen en huichelaars – zich vol rouw op de borst slaan (vs.11-14; vergelijk Openb. 1:7).
Maar dan is het te laat. Gods oordeel is vol recht en billijkheid: Hij oordeelt ieder naar diens werk. Wie dicht bij Hem hebben geleefd en zich niet hebben laten verleiden tot duistere praktijken van onrecht en bloedvergieten, zullen mogen wonen op de hoogten (vs.15,16).
Zij mogen Gods zegeningen ontvangen, verhoogd worden en veilig wonen. Zij zullen zelfs de grote Koning mogen zien: Christus in Zijn schoonheid met een grandioos Koninkrijk (vs.17). Alles wat herinnert aan de vreemde onderdrukker, is verdwenen (vs.18,19)!
Nu mag de blik weer worden gericht op Jeruzalem als veilige woonplaats, een eeuwig huis. Want – zo zegt vers 21 – de HEERE zal daar in Zijn macht bij ons zijn! Zijn weldadigheid wordt afgebeeld door rivieren (Ez. 47:1, Ps. 46:5; Openb. 22:1-3). Maar geen vijandelijk boten kunnen daarop varen (vs.23). De HEERE is de Verlosser, de Koning, de Rechter van Zijn volk! Niemand kent ziekte want het volk leeft van vergeving!
We horen hier in oudtestamentische taal de zegeningen van het nieuwe Jeruzalem voor allen die schuilen bij het bloed van Jezus Christus, en vergeving van hun ongerechtigheden ontvangen!
Is de kerk nu al een veilige plaats?
Zingen: Ps. 29:5
