LEZEN: Jes. 40:21-31: … Waarom zegt u dan, Jakob, en spreekt u, Israël: Mijn weg is voor de HEERE verborgen en mijn recht gaat aan mijn God voorbij? Weet u het niet? Hebt u het niet gehoord? De eeuwige God, de HEERE, de Schepper van de einden der aarde, wordt niet moe en niet afgemat. Er is geen doorgronding van Zijn inzicht. Hij geeft de vermoeide kracht en Hij vermeerdert de sterkte van wie geen krachten heeft. … wie de HEERE verwachten, zullen hun kracht vernieuwen, zij zullen hun vleugels uitslaan als arenden, zij zullen snel lopen en niet afgemat worden, zij zullen lopen en niet moe worden.
Israël en wij moeten in geloof steeds vaststellen hoe geweldig groot God is. Het is dan ook met grote verontwaardiging dat Jesaja namens de HEERE de afgodendienaars verwijt dan zij met hun lege afgoden aankomen. Weten ze het dan niet, zien ze het dan niet in de schepping en hebben ze Gods Woord daarover dan niet gehoord (vs.21)?
En de moedelozen in Israël worden aangesproken: Let toch op de macht van de Schepper, hoe Hij boven alles staat. Ook het uitspansel is voor Hem niet meer dan een tentdoek. De zogenaamde groten der aarde zijn zelf maar broos. Ze regeren maar even en dan maakt de HEERE weer een einde aan hun aards bestaan, als kaf dat weggewaaid wordt.
God Zelf spreekt nu als de verheven God, Die alles en iedereen in Zijn hand heeft: met wie zou u Mij willen vergelijken? Wie is zo groot in vermogen en kracht als Schepper en Onderhouder van bijvoorbeeld de sterren in de lucht? Er is maar één antwoord mogelijk: absoluut niemand kan met God worden vergeleken. Iedereen valt in het niet.
Maar nu gaat Jesaja verder richting Israël in ballingschap: Waarom vertrouw je dan nu niet op de HEERE, op Zijn alwetendheid, almacht en onveranderlijke trouw? Waarom denk je dat de HEERE je niet wil, kan en zal helpen? J
a, de HEERE bestraft de zonde naar Zijn verbondswoord, Hij beproeft de zijnen op hun liefde en vertrouwen, maar Hij zal Zich ook de grote Helper tonen, als zij op Hem vertrouwen en Hem aanroepen. Zijn machtige hand zal hen uit de benauwdheid verlossen en sterken.
Waarom is deze boodschap voor ons belangrijk?
Zingen: Ps. 98:1,2
