Laat uw woord altijd aangenaam zijn 7

We eindigden het vorige artikel in deze serie met de vraag hoe je nu aan die wijsheid komt en de dwaasheid los kunt laten. Hoe je nu de nodige kennis en inzicht krijgt om je woord altijd aangenaam te laten zijn.

Gezin
Hoe komt een gelovig kind van de HEERE nu aan die wijsheid? Dat begint al in de jeugd. In het gezin. De Bijbel geeft daar zelf indrukwekkende voorbeelden van.
“Hij zei tegen de Israëlieten: Wanneer uw kinderen morgen aan hun vader vragen: Wat betekenen deze stenen? dan moet u uw kinderen laten weten: Op het droge stak Israël deze Jordaan over, want de HEERE, uw God, heeft het water van de Jordaan voor uw ogen doen opdrogen, totdat u overgestoken was, zoals de HEERE, uw God, met de Schelfzee gedaan heeft, die Hij voor onze ogen heeft doen opdrogen, totdat wij overgestoken waren, opdat alle volken van de aarde zouden weten dat de hand van de HEERE sterk is; opdat u de HEERE, uw God, alle dagen vreest.” (Jozua 4: 21-24).

In Jozua 4 wordt het wonder van de doortocht door de Jordaan beschreven. En de oprichting van de twaalf stenen te Gilgal. Als kinderen in de toekomst aan hun vader vragen: waarom staan die stenen daar, dan moet die vader spreken. Dan moet hij vertellen over de wonderen die de HEERE gedaan heeft. Dan moet hij vertellen wie de HEERE is, hoe Hij Zijn verbond heeft opgericht en wat Hij heeft gedaan en nog altijd doet in het verbond. Dan moet die vader vertellen over Gods machtige beloften. Maar ook over wat de HEERE vraagt: alle dagen van het leven  de HEERE vrezen.

Vreze des Heren
Ja, zo begint het verwerven van wijsheid in het gezin. Vaders en moeders leren, onderwijzen hun kinderen in de vrees van de HEERE. “De vreze des HEEREN is het beginsel van de kennis, … “ (Spreuken 1: 7a)
En kinderen moeten al heel jong leren om te luisteren naar wat hun ouders vertellen over het leven met de HEERE. “Mijn zoon, luister naar de vermaning van je vader en veronachtzaam het onderricht van je moeder niet, want ze zijn een bevallige krans om je hoofd, en schakels van een ketting om je hals.” (Spreuken 1: 8, 9)

Die vreze des Heren, dat is niet bang zijn voor de Heere. Het is ook niet alleen ontzag. Het houdt in bereid te zijn om ook echt naar de HEERE te luisteren. Om Hem van harte lief te hebben.
De vreze des Heren is wat de Heidelbergse Catechismus in Zondag 7 omschrijft als een waar geloof: “Waar geloof is een stellig weten waardoor ik alles voor betrouwbaar houd, wat God ons in zijn Woord geopenbaard heeft. Tegelijk is het een vast vertrouwen, dat de Heilige Geest door het evangelie in mijn hart werkt, dat niet alleen aan anderen, maar ook aan mij vergeving van de zonden, eeuwige gerechtigheid en eeuwig heil door God geschonken zijn, enkel uit genade, alleen op grond van de verdienste van Christus.”

Generatie op generatie
In Psalm 78 wordt door Asaf dit ook bezongen: “Wij zullen ze niet verbergen voor hun kinderen, maar aan de volgende generatie de loffelijke daden van de HEERE vertellen, Zijn kracht en Zijn wonderen, die Hij gedaan heeft. Want Hij heeft een getuigenis ingesteld in Jakob, een wet vastgesteld in Israël; die heeft Hij onze vaderen geboden om ze hun kinderen bekend te maken, opdat de volgende generatie ze zal kennen, de kinderen die geboren zullen worden, en zij opstaan en ze weer aan hun kinderen vertellen; zodat zij hun hoop op God stellen en Gods daden niet vergeten, maar Zijn geboden in acht nemen, ….” (Psalm 78: 4-7).

Vaders en moeders vertellen over de HEERE en zijn machtige daden, beloften en zegeningen. Opdat die kinderen gaan geloven, door het werk van de Heilige Geest. Dat is een geweldige en buitengewoon verantwoordelijke opdracht voor alle ouders. Dat belijden we ook bij de doop van kinderen in de kerk: “Belooft u, dat u dit kind (deze kinderen, een ieder het zijne), waarvan u de vader (en de moeder) bent, bij het opgroeien in deze leer naar vermogen zult onderwijzen en laten onderwijzen? Ja!”

Fundamenteel
En we mogen dat breder trekken. Ouders worden daarbij geholpen door het gereformeerde onderwijs, als dat beschikbaar is. Door de jonge jeugdvereniging. Door de catechisatie. Ja, en door de hele gemeente. De vreze des Heeren moet van de ene generatie doorverteld en voorgeleefd worden aan het volgende geslacht. Om wijsheid te leren en dwaasheid te voorkomen. Om te leren wat aangename woorden zijn.
Dat is fundamenteel. Daar kunnen we ons niet gemakkelijk van af maken. Daar hoort gewoon tijd voor te zijn, voor gemaakt worden. In het gezin en in de kerk.

Bekende woorden? Overbodig om ze hier te herhalen? Maar hoe serieus nemen we nog die verbondsopdracht van de HEERE? Zijn we het ons echt bewust? In deze tijd waarin alles om ons heen en de hele inrichting van het leven er op gericht lijkt te zijn juist die fundamentele opdracht te verwaarlozen en te verhinderen? In deze tijd waarin het gezin volledig wordt afgebroken? Zien en onderscheiden we wat er op onze gezinnen afkomt?

Luisteren
Maar er is meer. De Bijbel leert ons ook dat niet alleen de jeugd maar juist ook de volwassenen moeten oefenen en leren. Het houdt echt niet op nadat jongeren belijdenis hebben gedaan. Ook als volwassenen moeten we oefenen en trainen. In het luisteren en leren luisteren. Naar de zondagse prediking. We hebben vaak kritiek op de prediking. Te moeilijk, te oppervlakkig, te kort, te lang, te ouderwets, te hedendaags …. Maar laten we wel bedenken dat in heel Gods Woord sterke nadruk wordt gelegd op het hóren naar het Woord van  God. Het Woord dat de Heere Jezus predikt. De woorden die de HEERE geeft door de dienst van profeten en voorgangers. Horen, luisteren, dat moet je op de goede manier doen. Met concentratie en een geopend hart. Dat kun je trainen en oefenen. Luisteren naar de prediking van Gods Woord door een trouwe en bekwame predikant in de kerk van Christus, dat geeft wijsheid!
“Veeleer zijn zij zalig die het Woord van God horen en het bewaren.” (Lukas 11: 28)
“Zo is dan het geloof uit het gehoor en het gehoor door het Woord van God.”(Romeinen 10: 17)

Oefen uzelf in de godsvrucht
En er is nog meer. Paulus spreekt in zijn eerste brief aan de jonge ‘dominee’ Timotheus over het oefenen in de godsvrucht. In I Timotheus 4: 7. In het Grieks wordt daar het woord ‘eusebeia’ gebruikt. Dat is een breed begrip. Het wil zeggen toewijding, heiliging, leven voor de HEERE en Zijn dienst, heel je leven in Zijn dienst stellen, de wil van de HEERE zoeken en doen. Een opdracht niet alleen aan Timotheus maar aan de leden van de kerk van alle eeuwen.

Dat houdt in onderzoeken wat de wil van de HEERE is. Studeren. Lezen. Gebruik maken van de schat van de kerk van de eeuwen in boeken en geschriften. Ieder naar de gaven die de HEERE heeft gegeven.
Ja, lezen en onderzoeken. Dat leert ook het Spreukenboek ons: “Heb ik u niet heerlijke dingen geschreven, met raadgevingen en kennis, om u bekend te maken de juistheid van betrouwbare woorden, zodat u met betrouwbare woorden kunt antwoorden aan wie u stuurden?” (Spreuken 22: 20, 21).

Met als doel om die broodnodige christelijke, gelovige wijsheid te krijgen. Om te leren onderscheiden wat de HEERE van ons vraagt. Om daarin ‘fijngevoelig’ te worden.
“En dit bid ik dat uw liefde nog steeds overvloediger wordt in kennis en alle fijngevoeligheid, opdat u kunt onderscheiden wat wezenlijk is, opdat u oprecht bent en zonder aanstoot te geven tot de dag van Christus, vervuld met vruchten van gerechtigheid, die door Jezus Christus zijn, tot heerlijkheid en lof van God.” (Filippenzen 1: 9-11).

Opdracht
Lezen en onderzoeken zijn en blijven van groot belang voor de kinderen van het verbond. Voor de leden van de kerk. Als we dat verwaarlozen, als we daar, persoonlijk en samen, niet serieus mee bezig zijn, dan dreigt afval van  de HEERE. Verbondsverlating. En dan roepen we de toorn van de HEERE over ons af. We leven in en tijd waarin lezen en studeren steeds minder beoefend worden. Er is immers internet voor alles wat we willen weten? ‘ik ben niet zo’n lezer’. ‘Ik houd niet van boeken’. ‘Ik heb echt geen tijd’. ‘ik kan altijd vragen aan de dominee’. Maar we hebben wel tijd voor onze smartphone. Voor intensief rondkijken op internet. Voor steeds meer gebruik van  de social media. Voor het overnemen van de internetcultuur. Is het ook onder ons niet zo dat het lezen en luisteren steeds meer verdrongen wordt door het gebruik van de social media? Met alle ernstige nadelen en gevaren van die media? Oppervlakkige informatie, aanvechtbare bronnen, onbetrouwbare berichtgeving. Manipulatie door AI (kunstmatige intelligentie). Daarmee wordt ons oefenen in de godsvrucht en het opvoeden van de jeugd in de HEERE meestal niet gediend. Integendeel, als we niet onderscheiden en gezonde afstand nemen van de social media is het gevaar groot dat we ons ook in de kerk laten meezuigen in de cultuur die moet leiden tot de nieuwe, onpersoonlijke, antichristelijke mens. Dan vinden we geen wijsheid maar dwaasheid.

Geen kennis?
Als we de opdracht aan Timotheus en in hem aan ons allemaal niet belangrijk vinden kan dat grote gevolgen hebben. Dan verwaarlozen we ons ‘oefenen in de godsvrucht’. Dan komt er van Jozua 4 niet veel terecht. Niet voor niets wordt in het formulier voor de bevestiging van ouderlingen en diakenen er op gewezen dat broeders met een bijzonder ambt moeten lezen en studeren. ‘Om deze taak als herder over Gods kudde trouw te kunnen vervullen, moeten de ouderlingen de Schrift ijverig onderzoeken en zich oefenen in de dienst van God.’ (Geref. Kerkboek pag. 552). Dat geldt toch ook voor het ambt van àlle gelovigen?
“Hoor het woord van de HEERE, Israëlieten, want de HEERE heeft een rechtszaak met de inwoners van dit land, omdat er geen trouw, geen goedertierenheid en geen kennis van God in het land is.”(Hosea 4: 1).
“Mijn volk is uitgeroeid, omdat het zonder kennis is. Omdat ú de kennis verworpen hebt, heb Ik u verworpen om als priester voor Mij te dienen. Omdat u de wet van uw God hebt vergeten, zal Ik ook uw kinderen vergeten.” (Hosea 4: 6).

Hoe komen we nu aan die nodige wijsheid, vroegen we? Door te vertellen en door te geven. Door de jeugd te leren luisteren. Door onszelf te trainen in horen naar Gods Woord. Door te lezen en studeren.

In een volgend artikel hopen we iets te zeggen over hoe we kunnen handelen en spreken als het toch mis gaat in gezin, gemeente, vereniging en kerkverband. Als ons woord toch onaangenaam blijkt en er onenigheid en conflict dreigt of heerst.

(wordt vervolgd)

 

Pdf maken (via Printen)