LEZEN: Jes. 48:1-22: … omwille van Mijn roem zal Ik Mij bedwingen, u ten goede, zodat Ik u niet zal uitroeien … Ik heb u beproefd …
De HEERE weet hoezeer de godsdienstigheid bij velen van Zijn volk een uiterlijke zaak van traditie is en niet wijst op een levend geloof. Toch wil Hij verder met Zijn volk richting de komst van Zijn Zoon. Ook heeft de afgodendienst een plaats.
Via Jesaja spreekt de HEERE tot Zijn volk om het tot bekering te brengen. Daarvoor is belangrijk dat ze hun vertrouwen op Hem stellen. Ze moeten inzien dat God volledig betrouwbaar is in vloek en zegen, in voorspoed en tegenspoed.
De HEERE verbindt geloofsgehoorzaamheid aan Zijn zegen en ongehoor-zaamheid aan Zijn gericht. De toezeggingen en dreigingen die Hij aan Zijn volk vooraf laat weten, voert Hij ook uit. Daaruit kan het volk afleiden dat Hij alleen God is en afgoden dit niet kunnen.
Ook nu kondigt de HEERE weer nieuwe dingen aan die in de toekomst zullen gebeuren als vervulling van Zijn voorzegging (vs.6,7). Zo wil Hij hen bewegen Hem te erkennen als hun God. Daarbij zullen ze ook afscheid moeten nemen van hun afgoden.
Ook laat de HEERE Zich aan Zijn volk kennen als een lankmoedig, geduldig God (vs.9v). Dat komt voort uit Zijn Welbehagen: Hij wil Zijn doel bereiken en Zijn naam groot maken, hoe hardnekkig het volk ook is. Vergelijk Ex. 32:9-14, waar Mozes erop pleit dat de HEERE ter wille van Zijn naam het volk in de woestijn niet zal vernietigen.
Ook nu vaagt Hij Zijn volk niet weg maar wil het louteren, zuiveren door de ballingschap (vs.10). Hoewel God rechtvaardig straft, wil Hij Zijn volk redden en alles doen heenwerken naar de komst van de Christus.
In de verzen 12-21 volgen woorden vol troost. De HEERE wijst erop dat Hij de almachtige Schepper is van hemel en aarde, en ook de trouwe God van het Verbond. Hij zal Zijn volk verlossen door Kores uit de ballingschap.
Ook is de HEERE de Heilige Israëls, Die geen zonde verdraagt. Hij komt met Zijn zegen van vrede en heil bij gehoorzaamheid en met Zijn vloek bij ongehoorzaamheid (17-22).
Is onze redding ook omwille van God Naam?
Zingen: Ps. 111:4,5
