LEZEN: Ef. 5:22-33
Vrouwen, wees uw eigen man onderdanig, zoals het behoort in de Heere. Mannen, heb uw vrouw lief en wees niet verbitterd tegen haar. – Kol. 3:18,19
In onze tijd hebben ook christenen moeite om van de vrouw in het huwelijk te zeggen dat ze onderdanig behoort te zijn aan haar man. Er wordt dan gesteld dat dit gold voor de tijd van het ontstaan van de Bijbel, nog kort na de hemelvaart van Christus. De ongelijkheid van de geslachten zou gevolg zijn van de vloek die de zondeval met zich meebracht: “naar uw man zal uw begeerte uitgaan, maar hij zal over u heersen” (Gen.3:16).
Met Christus’ offer leven we nu in een tijd dat deze vloek weggenomen is en we van genade leven. Dat zou ook moeten doorwerken in de verhouding tussen man en vrouw. Er zou – zo is de redenering – nu sprake moeten zijn van gelijkheid.
Dat dit in de brieven van de apostelen nog niet zichtbaar was, zou komen door aanpassing aan de toenmalige cultuur. Intussen zijn we verder gekomen en is er juist plaats voor gelijkheid net zoals dat in de wereld het geval is.
Tot zover de redenering van hen die niet meer van een verschil tussen man en vrouw willen weten. Het is inderdaad wel gemakkelijker om zo als christen in deze wereld te leven, maar doen we recht aan de Heere God als Schepper en aan Jezus Christus als ons Hoofd?
De Heere God heeft de man toch anders geschapen dan de vrouw met verschillende taken en positie? In 1 Kor. 11 wordt dit uitgebreid door Paulus besproken m.b.t. de kerkgang, die zich navolger van Christus noemt.
Hij stelt: “de man is het beeld en de heerlijkheid van God; de vrouw is echter de heerlijkheid van de man”. Daar zit geen maatschappijvisie achter, ook geen vloek: “de man is immers niet uit de vrouw, maar de vrouw uit de man”.
In Ef. 5:22-33 maakt Paulus een vergelijking van de liefdes-verhouding van de Heere Jezus als Hoofd met Zijn kerk, met die van de man als hoofd van zijn vrouw. Dat hoofd zijn is geen onderdrukking of afreageren maar juist liefdevol leiding geven (vs.29; Ef. 5:25-29;33).
Er is geen gelijkheid in de Heere, maar wel gelijkwaardigheid (Gal. 3:28).
Zie je het verschil is tussen ‘gelijk’ en ‘gelijkwaardig’?
Zingen: Ps. 85:3,4
