by S. de Marie | 10 augustus 2026 05:00
LEZEN: Jona 2:9,10 : … met dankzegging zal ik U offers brengen …
De commentaren over vers 9 lopen uiteen als het gaat over de aard van Jona’s verlossing en de plaats waar hij de HEERE dankt voor zijn verlossing. Heeft hij in de vis van de HEERE gehoord dat hij mag leven, en weer aan land zal mogen komen? Dat is goed mogelijk. Want de HEERE heeft hem geantwoord (vs.2). Het is mogelijk dat Jona zijn dank al uitspreekt als hij nog in de vis is.
Maar Jona’s antwoord kan ook plaatsvinden nadat de vis Jona uitspuwt. Op zichzelf is dit niet belangrijk. Het gaat om de boodschap, die Jona schitterend belijdt in zijn dankgebed. Hij ervaart Gods redding na zijn hartstochtelijk roepen tot de HEERE. Hij belijdt nu dat God goedertieren is door hem als het ware uit het graf te verlossen.
De profeet weet zich eindelijk weer een afhankelijk, liefhebbend en dankbaar kind van God. O HEERE, mijn God, U geeft mij het leven weer! Jona weet weer beter door Wie, met Wie en voor Wie hij mag leven. Dat zijn leven een levend dankoffer zal zijn, gewijd aan de HEERE. In tegenstelling tot alle mensen die hun eigen nietige goden vereren (vs.8) en Gods heerlijkheid en nabijheid missen.
In vers 9 begint Jona dan ook met “maar”. Het is hetzelfde antithetische “maar” zoals Jozua dit uitsprak (Joz. 24:15b): Maar ik en mijn huis, wij zullen de HEERE dienen. Zo zegt Jona nu tegenover afgodendienaars, gelouterd door de HEERE: Maar ik, met dankoffers zal ik U offers brengen; wat ik beloofd heb, zal ik nakomen. Het heil (de redding) is van de HEERE!
Jona heeft aan de lijve ondervonden hoe het is als Gods aangezicht verborgen is. Nu mag hij het grote wonder van genade ervaren dat God naar hem omziet en hem goedertierenheid schenkt.
Ook ónze verlossing is een niet minder groot wonder van genade van de kant van onze Heere God. Wij waren van onszelf verblind en lagen midden in de dood en verdienden Gods oordeel. Maar Gods Zoon redde ons daaruit. Hij trok ons op uit het graf van duisternis en geestelijke dood (zie Ef. 2:1-6).
Nog elke dag leven we van Gods genadige ontferming op grond van het offer van Zijn Zoon dat Hij ook voor ons op Golgotha heeft gebracht. Met een heerlijk vooruitzicht.
Beseffen wij het bijzondere van onze redding?
Zingen: Ps. 116:5,7
Source URL: https://www.bouwen-en-bewaren.nl/2026/08/10/10-augustus-2026-het-heil-is-van-de-heere/
Copyright ©2026 Bouwen en Bewaren unless otherwise noted.