LEZEN: Ps. 77:1-21 ... Wie is een God zo groot als God? …
De dichter Asaf is teleurgesteld in de HEERE. Dat maakt hem haast wanhopig. Hij heeft het idee dat de HEERE Zijn volk niet langer liefheeft en niet meer goedgunstig gezind is. Dat was in het verleden heel anders. Maar nu twijfelt hij of God nog ooit Zijn genade zal tonen aan Zijn volk. Dat maakt hem uiterste verdrietig.
Toch valt op dat de vragen die de dichter in vers 8-10 stelt als gelovige die God kent, allemaal ontkennend zouden moeten worden beantwoord. Nee, de Heere verstoot de Zijnen nooit. Nee, Gods goedertierenheid houdt nooit op voor hen die Hem liefhebben, Nee, aan de vervulling van Zijn beloften komt nooit een einde. Nee, God heeft niet vergeten genadig te zijn.
We zullen die vragen van Asaf daarom moeten opvatten als een appel richting de HEERE. Zijn grootste verdriet zou zijn als hij moet vaststellen dat Gods daden richting Zijn volk veranderd zijn (vs.11). Is Hij niet langer de Helper en Verlosser van Zijn volk?
Ook in onze tijd zou de gedachte van Asaf op kunnen komen. Wat merk je van Gods beleid en hulp als de kerk almaar kleiner wordt en de wereld almaar goddelozer? Maar mogen we zo van God denken, Die in Christus al zoveel van Zijn beloften heeft vervuld en juist in Hem nog zoveel heerlijke beloften zal vervullen?
Als wij Gods beleid niet begrijpen – met name bij moeite en onderdrukking – wil dat niet zeggen dat God niet met ons bezig is! Door al die moeiten wil Hij dat we goed over Hem en Zijn beleid nadenken.
Dat is precies wat Asaf doet vanaf vers 12. Hij gaat met hart en verstand Gods daden, wonderen en werken overdenken, wat hem brengt tot een grote lofrede op de verlossende almacht van God en Zijn goedertierenheid voor Zijn volk.
Speciaal de redding van Gods volk in de woestijn krijgt aandacht. Al alles verloren lijkt te zijn met een naderende Farao redt God hen op zeer indrukwekkende wijze door de Rode Zee (vs.15-21).
Bij overdenking van dit machtige wonderwerk weet je dat Gods reddende kracht nergens mee te vergelijken is (vs.14,15). Als God zo heerlijk is, geeft dat toch alle vertrouwen voor nu en de toekomst?
Twijfel je wel eens aan Gods verlossing?
Zingen: Ps. 77:3,4
