by S. de Marie | 24 oktober 2026 06:00
Gods wil
Bij de derde bede “ Uw wil geschiede” is onderscheid nodig tussen aan de ene kant Gods verborgen wil, dat is Zijn raad, die zullen we moeten aanvaarden. Daaronder valt onder meer het wereldgebeuren, de loop van de kerk en wat ons treft aan ziekten, moeiten en verdrukking. En aan de andere kant Gods geopenbaarde wil, Zijn geboden. Die we zullen moeten gehoorzamen (Deut. 29:29).
Deze tweede bede is er dus niet alleen op gericht dat we Gods regering kunnen aanvaarden, maar ook dat we gehoorzaam kunnen zijn aan Zijn Woord. Dat laatste begint ermee dat we Gods Geest en Zijn wijsheid vragen voor inzicht in Zijn Woord. En dat we krachten krijgen om ijverig te zijn in Zijn dienst en willen jagen naar gerechtigheid. Voor dat laatste zullen we onze eigen zondige wil moeten tegenstaan en verloochenen. Ook dat kan niet zonder de kracht van de Heilige Geest.
Onze afhankelijkheid
De bede om ons dagelijks brood richt zich op onze afhankelijkheid van de Heere voor al onze dagelijkse materiële benodigdheden en ondersteuningen. We zullen bidden om goed om te kunnen gaan met welvaart en luxe. Om goede rentmeesters te zijn.
Waarbij we alle materiële gaven in Gods dienst besteden en ook weten te geven aan mensen in nood.
Een ander aspect is hier dat de Heere wil dat we niet bezorgd zullen zijn over onze inkomsten en dagelijkse behoeften, maar dat we dit alles van de Heere blijven verwachten (Matt. 6:33). En daarbij als eerste Zijn koninkrijk blijven zoeken. Dan geldt ook zeker voor ons levensonderhoud: bid en werk. Daarbij mogen we hierover ons hart uitstorten, maar zullen het dan ook mogen wentelen op de Heere. Het tonen van onze tevredenheid en dankbaarheid aan God voor alles wat we dagelijks ontvangen uit Zijn vaderlijke hand, verdient zeker dagelijks een plaats in ons gebed (Fil. 4:11; 1 Tim. 6:6; Hebr. 13:5).
Vergeving
Onze bede om de vergeving van onze zonden zal een centrale plaats in ons dagelijks gebed moeten hebben. Deze bede vraagt wel oprechte verootmoediging. God kent niet alleen al onze noden, onze behoeften, voordat we ze uiten (Matt. 6:8).
Hij kent ook al onze zonden, zelfs de verborgen zonden van ons hart (Ps. 90:8). Maar hoewel Hij dat Zelf weet, wil Hij ook dat we die zonden concreet aan Hem belijden, en er vergeving voor vragen. We moeten daarbij algemeenheden vermijden, maar specifiek zijn. Ook dat vraagt een goede voorbereiding.
Bij oprecht belijden van onze zonden mogen we ook zeker zijn van Gods genade. Dan mogen we zelfs vergeving ontvangen, voor zonden waar we ons niet van bewust zijn.
Laten we daarbij niet bang te zijn, want God is lankmoedig en genadig, vol van goedertierenheid en barmhartigheid. Hij vergeeft ons in Christus al onze ongerechtigheden, als wij Hem maar oprecht vrezen (Psalm 103).
Dat alles vraagt niet alleen een nederige houding tegenover de Heere maar ook een verzoenende houding tegenover onze naasten, om hen vergeving te willen schenken in geval van geleden onrecht of andere zonden (Matt. 6:14). Ook daarvoor hebben we Gods hulp nodig.
De tegenstander
Een ander essentieel onderdeel van ons dagelijks gebed is de bede om Gods verlossing van de boze, de grote tegenstander van God. Die zullen wij nooit mogen onderschatten, omdat hij niet zal nalaten ons geloof te bestrijden. We zullen daarbij onze eigen zwakheid dienen te erkennen. En beseffen dat we hiervoor continu Gods hulp nodig hebben. Daarom zullen we steeds vragen om in de kracht van de Heilige Geest staande te kunnen blijven in de strijd met satan, de wereld en ons eigen vlees. We hebben Gods hulp speciaal nodig om ook verleidingen te weerstaan.
Ons gebed moet dan ook zijn dat God ons waakzaam maakt, en ons Zijn wapenrusting doet aantrekken met de hulp van zijn Heilige Geest (Ef. 6:10v).
Laten we op dit punt ook voorbeden voor elkaar doen in de kerk, plaatselijk en binnen het kerkverband.
Lofprijzing
De laatste zinnen van het Onze Vader zijn niet de minst belangrijke. Ze bevatten onze lofprijzing van God. Dit is een heel bewuste climax, een hoogtepunt. God komt toch alle lof toe in ons leven? Dat is Hem aangenaam.
Hoe vaak roept God ons niet in zijn Woord – met name in de Psalmen – op om Hem te loven: Halleluja, looft de HEERE! Die lofverheffing in het Onze Vader begint met ‘Want’. Daarmee verklaren we dat alles in de voorgaande beden kon worden gebeden omdat we Gods grootheid erkennen én omdat Zijn grootheid dit alles vereist.
Zijn naam moet worden geheiligd, zijn koninkrijk moet komen en zijn wil moet geschieden, omdat Hij de grote Koning is Die alle macht heeft. De koning aan wie alle heerlijkheid toekomt, zelfs tot in eeuwigheid. Hij heeft er rècht op.
Tegelijk heeft God alle macht om waar te maken datgene te geven wat wij Hem gevraagd hebben: Zijn hulp, Zijn kracht, Zijn nabijheid. Opdat in alles Zijn naam geëerd en geprezen wordt.
Ook in de lofverheffing staat het Onze Vader model voor onze eigen geformuleerde gebeden. Laten we nooit vergeten deze lofverheffing een plaats te geven.
(wordt vervolgd)
Source URL: https://www.bouwen-en-bewaren.nl/2026/10/24/ons-gebed-in-onze-geloofsgemeenschap-met-god-3/
Copyright ©2026 Bouwen en Bewaren unless otherwise noted.