LEZEN: Ex. 4:18-26: … En het gebeurde onderweg, in de herberg, dat de HEERE hem tegenkwam en hem wilde doden …
Mozes heeft de opdracht van de HEERE gekregen om naar de farao te gaan. Hij is daarvoor gesterkt en kreeg goddelijke garanties om zijn taak te kunnen volbrengen. Het heeft lang geduurd, 40 jaar na de eerste teleurstellende ontmoeting met zijn broeders. Maar intussen heeft Israël zijn nood geklaagd bij de HEERE en gaat de HEERE Zijn verlossingsplan uitwerken.
Daarbij krijgt Mozes een belangrijke rol samen met Aäron. Als Mozes met de staf van God is teruggekeerd naar zijn schoonvader Jether (of Jethro) in Midian om zijn vertrek naar Egypte aan te kondigen, roept de HEERE hem op om direct terug te keren.
Was er toch nog aarzeling bij Mozes? Durft hij niet? Maar de HEERE zegt: vertrek, want al de mannen die u naar het leven stonden, zijn gestorven.
Mozes gaat dan met zijn vrouw en kinderen op weg. Hij krijgt nog nadere instructies van de HEERE hoe hij de farao moet toespreken en dat hij daarbij al de wonderen moet gebruiken die de HEERE al eerder met hem besproken heeft.
Toch zal God dan farao’s hart verharden. Maar Hij zegt er richting farao bij: “als u Israël, Mijn Zoon, Mijn eerstgeborene niet laat gaan, zal Ik uw eerstgeboren zoon doden”. God komt op voor Zijn recht! Hij zal straffen naar de zondige daden van deze onrechtvaardige despoot.
Maar hoe staat het met Mozes? Staat hij wel rechtvaardig voor God? God heeft recht op Israël als Zijn volk maar daarom ook op alle kinderen van Israël. Hoe staat het dan met de nog onbesneden jongste zoon van Mozes?
Het lijkt erop dat met name de moeder, Zippora, niets moet hebben van een besnijdenis van haar kinderen. Maar moet Mozes als vader en hoofd van het gezin hiertegen geen weerstand bieden? Hij mag toch niet nalatig zijn in de dienst aan de HEERE, zeker niet waar het aankomt op de verbondseis die God aan Abraham heeft gesteld (Gen. 17:10-14.).
Op zo’n nalatigheid staat zelfs de doodstraf (Gen. 17:10). Hoe kan Mozes leider zijn als God dit toe zou laten?
Wat zegt dit over het afwijzen van de kinderdoop?
Zingen: Ps. 6:1,2
