LEZEN: Ps. 72:1-20 … rechtspreken met gerechtigheid … in zijn dagen zal de rechtvaardige tot bloei komen; en er zal grote vrede zijn … geloofd zij de HEERE God … Hij doet wonderen, Hij alleen …
David bidt hier voor zijn zoon Salomo die weer een type is van de grote Zoon van David. David heeft de jonge Salomo voorgeleefd in het verbond met de HEERE. Zo heeft Salomo ook geleerd om tot de HEERE te bidden, niet om rijkdom en eer maar om wijsheid en gerechtigheid (1 Kon. 3:5v).
De HEERE zal Salomo later nog herinneren aan de wijze waarop David hem ten voorbeeld was in de vreze van de HEERE (1 Kon. 3:14; 6:12; 9:4; 11:6).
David voegt nu aan zijn opvoeding van Salomo een diepgaand gebed voor hem en zijn regering toe. Dat hij in Gods wegen mag blijven gaan, Gods volk ten goede. Alleen de HEERE kan dat bewerken. Hij kan Zijn recht en gerechtigheid schenken aan Zijn dienaren. Dat zal blijken in de rechtspraak: verlossing voor hen die onderdrukt worden en bestraffing van de onderdrukkers. Dat zal ware vrede geven door recht.
In Christus is die vrede er in Zijn kerk door verzoening met God, Schriftgetrouwe prediking en leer, kerkelijke rechtspraak en besluiten die de eenheid in de waarheid bevorderen, onderlinge vergevingsgezindheid en broederlijke eensgezindheid waarbij de een de ander voortreffelijker acht dan zichzelf (Fil. 2:1-5). Dat is alleen in Christus te bereiken: Hij is onze vrede (Ef. 2:14;Kol. 3:15).
Daarbij geldt speciaal dat de ‘ellendigen’ en de ‘armen’ recht wordt gedaan en hulp wordt geboden (Vs.2,4,12,13). Hun bloed is kostbaar in de ogen van de rechtvaardige koning. Zij worden gespaard, verlost, uit onderdrukking en gered uit nood van list en geweld.
In het Oude Testament zijn dat degenen die met geweld uitgebuit werden door goddeloze heerszuchtige volksgenoten. Door hen werd het recht om om te zien naar hen die hulp nodig hebben, geschonden.
Ook de Heere Jezus sprak over hen in Zijn Bergrede: ‘zalig zijn de armen van geest’, ‘zalig zijn de zachtmoedigen, ‘zalig bent u als men u smaadt en vervolgt’ (Matt. 5:3-12). Dat betreft hen die in Hem geloven zonder het bij zichzelf, aardse eer of aards geweld te zoeken.
Vrede is onmisbaar, hoe staat het met het recht?
Zingen: Ps. 72:1,7,10
