LEZEN: 2 Peter. 2
Dan weet de HEERE ook nu de godvruchtigen uit de verzoeÂking te verlossen, maar de onrechtvaardigen te bewaren tot de dag van het oordeel, om gestraft te worden. – 2 Petr. 2:9
De tweede brief van Petrus beschrijft een samenleving die lijkt op de onze. Valse leer van dwaalleraars doet het volk eigen wegen gaan, ook wat hun leven betreft. Een leven waar de boze vrij spel krijgt. Petrus verwijst daarbij naar de situatie van het Oude Testament. Toen waren er tijden waarin de valse profeten het volk tot afgoderij en hoererij bracht. Zo is dat ook nu, als valse leraars afwijkingen in de leer invoeren. Het gevolg is dat Gods straf daarover komt, tenzij God je verlost als je je geloof hebt mogen vasthouden.
Zo is de oude wereld met de zondvloed gestraft werd, terwijl God de gehoorzame Noach en zijn gezin heeft bewaard. Sodom en Gomorra zijn vanwege goddeloosÂheid tot as verbrand als voorbeeld voor hen die goddeloos leven. Maar God verloste de rechtvaardige Lot, die in hun midden woonde en leed onder de losbandige levenswandel. Hij wordt rechtvaardig genoemd, omdat hij dag in dag uit zijn ziel gekweld heeft bij het zien en horen van hun wetteloze daden.
Zo is de Bijbel vol van Gods oordeel over goddelozen die bezwijken voor de verzoeking. En van Gods verlossing uit de verzoeking van hen die God blijven dienen en eren. Van Lot wordt gezegd dat hij zijn ziel kwelde bij zoveel goddeloze daden.
Als wij bidden: Vader verlos ons van de boze, dan willen we toch niet willen toegeven aan verleidingen. Dan zullen we het toch ook zwaar hebben bij zoveel zedeloosheid en ontering van God. Dan zullen we toch ook willen strijden tegen zonden in eigen leven en daarvoor steeds Gods hulp inroepen: Vader, verlos mij van de boze door uw Zoon.
Hoe verlost Christus ons van de boze?
Zingen: Ps. 56: 4
