Doorgaande reformatie – 6

We hebben het nu gehad over het grote belang van bewust leven in het Verbond en over de noodzaak om af te zien van jezelf en in alles na te gaan wat de wil van de Heere is. Basisbeginselen, om het zo maar eens te zeggen, voor de doorgaande reformatie.

Er is nog een belangrijk element daarbij: werken aan doorgaande reformatie doe je niet alleen maar sámen.

Eén lichaam, één priesterschap
In de kerk leven en werken we niet op onszelf. In Christus zijn we één gemeenschap, één lichaam. Sámen Gods uitverkoren volk. Samen één priesterschap. We laten de Bijbel zelf aan het woord.
In I Kor. 10: 17, als het gaat over de instelling van het Heilig Avondmaal, lezen we: “Omdat het brood één is, zijn wij, die velen zijn, één lichaam, want wij allen hebben deel aan het ene brood.”
1 Kor. 12: 27 houdt ons voor:“Samen bent u namelijk het lichaam van Christus, en ieder afzonderlijk Zijn leden.”
De apostel Petrus verkondigt, in 1 Petrus 2: 9:“Maar u bent een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilig volk, een volk dat God Zich tot Zijn eigendom maakte; …”

Dat één lichaam zijn, het  samen vormen van een door God uitverkoren priesterschap, brengt de roeping met zich mee om dan ook sámen het leven in het Verbond gestalte te geven. Om ons sámen te buigen over de levensvragen. Om elkaar, sámen, te leren en te bemoedigen. Om sámen te vragen wat de Heere wil. Om sámen uit dankbaarheid te leven.

Eensgezind
In de Bijbel wordt daarvoor op verschillende plaatsen het woord “eensgezind”[i] gebruikt. Een prachtig woord met een diepe betekenis.
In Romeinen 12: 16 horen we de oproep: “Wees eensgezind onder elkaar”.
I Korintiërs 1: 10 leert ons: “Maar ik roep u ertoe op, broeders, door de Naam van onze Heere Jezus Christus, dat u allen eensgezind bent in uw spreken, en dat er onder u geen scheuringen zijn, maar dat u hecht aaneengesmeed bent, één van denken en één van gevoelen.”
En in een ander Bijbelboek: “Als er dan enige bemoediging is in Christus, als er enige troost is van de liefde, als er enige gemeenschap is van de Geest, als er enige innige gevoelens en ontfermingen zijn, maak dan mijn blijdschap volkomen, doordat u eensgezind bent, dezelfde liefde hebt, één van ziel bent en één van gevoelen.”(Filippenzen 2: 1, 2)

Zede
Eensgezind zijn betekent zoiets als dezelfde kant op willen. Dezelfde gedachten hebben. Samen één richting uit willen.
Er is een tijd geweest, niet eens zo lang geleden, dat die eensgezindheid, dat samen het zelfde denken over hoe we het christelijk leven vorm moeten geven, veel duidelijker zichtbaar was dan vandaag. Een tijd waarin die eensgezindheid veel meer in praktijk werd gebracht.
De kerken kenden een “gereformeerde zede”. Een zede, dat is een geheel van opvattingen over hoe een mens hoort te leven. In de decennia na de Vrijmaking van 1944 was zo’n zede duidelijk aanwezig.

Gereformeerden waren zeer gezagsgetrouw. Ze gingen in die tijd niet naar bioscoop en theater. Op zondag, wanner ze opgingen naar het huis van de Heere, onderscheidden ze zich door een vorm van zondagse kleding. Verkering zocht je niet buiten de kerk. De tv bleef in ieder geval op zondag uit. Op je werk ging je altijd bidden voor het eten, ook al was je de enige. Kinderen gingen, als het maar énigszins mogelijk was, naar het gereformeerd onderwijs. En zo was er wel meer. Er was een herkenbare levensstijl, zichtbaar naar binnen en naar buiten.
Resultaat van samen werken aan doorgaande reformatie!

In de jaren tachtig werd die gereformeerde zede langzamerhand losgelaten. Belachelijk gemaakt. Voor ouderwets verklaard. M.n. professor dr. J. van Bruggen[ii] vroeg daar in die tijd aandacht voor maar er werd naar zijn stem niet gehoord.

De eensgezindheid ging grotendeels verloren.

Bescherming
Als we als leden van de kerk, als gezinnen van de gemeente, in een groot aantal zaken van het dagelijks leven de zelfde keuzes maken, de zelfde kant opgaan, als we ons daar van bewust zijn en het daar ook samen over hebben, dan geeft dat een stuk bescherming. Dan groeien kinderen en jongeren, ook al begrijpen ze nog niet alles, toch op in een bepaald klimaat, een bepaalde sfeer. Dan vóelen ze het christelijk leven. En dat is in het leven van kinderen en jongeren buitengewoon belangrijk. Dat heeft grote invloed. Juist omdat we het samen eens zijn geeft dat duidelijkheid. We zijn het er met elkaar over eens dat de Heere dit zo vraagt. Een stuk gewoontevorming? Maar dat is niet erg. Góede gewoonten zijn prima en helpen mee in opvoeding en vorming.
Een kerkelijke samenleving waarin ieder doet wat goed is in eigen oog geeft juist verwarring, onduidelijkheid, verlies van houvast en richting. Heel gevaarlijk.

Hele leven
En wij vandaag?
Vinden we het samen werken aan een gereformeerde zede, ook al noemen we het misschien niet meer zo, ook belachelijk? Ouderwets? Maar de Heere zegt het toch zelf? Wéést eensgezind! En die eensgezindheid moet het hele leven beslaan. We zagen het in het eerste artikel: geen duimbreed van dit leven waarvan de Heere niet zegt: Van Mij!

Ja, dat betekent bewust werken aan een zekere overeenstemming. Met elkaar echt spreken over vragen, over keuzes. En als het kan die keuzes samen maken. In geloof, op grond van Gods Woord. Met elkaar overleggen, in de persoonlijke contacten en op de verenigingen.

Er zijn zoveel zaken waarin we keuzes moeten maken  in ons leven. Keuzes vóór de Heere. Onze tijdsbesteding. Zondagsheiliging. Opvoeding. Gebruik van tv en computer. Sociale media. Het luisteren  naar muziek. Lezen. De huiselijke eredienst. Schriftstudie. Gezinsvorming. Schoolkeuze. Beroepskeuze. Verkering. Verenigingswerk. Kleding, als we naar de bijeenkomst van de Heere gaan, maar ook door de week. Taalgebruik. Ach, u kunt de lijst zelf wel aanvullen.
Samen of zelf? Dat is de vraag.

Nee, we zullen het in dit leven nooit over àlles eens worden. Dat gaat ons niet lukken. Dat hoeft ook niet. Als we maar wel werken  aan de zelfde richting. De zelfde hoofdlijnen. De zelfde principes. Als we ons daar maar bewust van willen worden.
Als we daarvoor maar willen “offeren”.

We sluiten af.
Doorgaande reformatie:
– Bijbelse roeping;
– terug naar het Verbond;
– luisteren naar de HEERE;
– afzien van onszelf;
– leven met een open Bijbel en aandacht voor belijdenis en kerkgeschiedenis;
– samen werkend aan eensgezindheid in alle dingen van het leven.

In eigen kracht kunnen we de doorgaande reformatie niet realiseren. Maar in Christus kunnen we er aan werken! En verder komen!
Weet u wat zo geweldig is? Als wij door Gods genade trouw mogen zijn, dan mogen we de zegen van de Heere verwachten. Nu en later.
“Wie overwint, hem zal Ik tot een zuil in de tempel van Mijn God maken, en hij zal daaruit niet meer weggaan. En Ik zal de Naam van Mijn God op hem schrijven en de naam van de stad van Mijn God, het nieuwe Jeruzalem, dat neerdaalt uit de hemel, bij Mijn God vandaan, en Mijn nieuwe Naam.”(Openbaring 3: 12).


[i] Z ie ook “Eensgezind”, De Bazuin, jrg. 12, nr. 5, maart 2018
[ii] Prof. J. van Bruggen, “Het christelijk karakter van een gereformeerde school”, in “Het gereformeerd onderwijs-een identiteitsbezinning”, pag. 51-54, 1983.  Wat prof. Van Bruggen opmerkt m.b.t. het onderwijs geldt voor heel het gereformeerde leven.

Pdf maken (via Printen)