Laat uw woord altijd aangenaam zijn 1

Het opschrift boven dit artikel komt uit Kolossenzen 5: 6a. Dit vers wordt vooraf gegaan door de uitleg van Paulus over wat het betekent in Christus te zijn, uitleg over de oude en de nieuwe mens en over de verhoudingen in de gemeente. En daarbij zegt Paulus ook iets over de omgang met hen die ‘buiten’ zijn. “Laat uw woord altijd aangenaam zijn ….”.
Aangenaam ….. Dat heeft in Bijbelse zin een brede en diepe betekenis.

Samenleving
Als we om ons heen kijken in onze Nederlandse samenleving, als we het nieuws een beetje volgen, als we betrokken burgers zijn, dan moeten we vaststellen dat dit woord van Paulus in onze godloze wereld al lang veel van zijn betekenis heeft verloren. En zijn betekenis nog steeds verder verliest. Heel veel spreken en handelen in de maatschappij is juist buitengewoon ònaangenaam. Ieder gaat zijn eigen gang. Ieder komt op voor eigen belang. Zonder rekening te houden met het belang van anderen. Ik wil iets en ik vind iets en ik voel iets en ik moet mijn zin hebben. ‘Een ieder is zichzelf het naast’ (van een romeinse filosoof al in de tweede eeuw voor Christus). Er is veel negeren van wetten en regels. Het nieuws staat bol van berichten over acties, demonstraties en gewelddadige, anarchistische rellen. Alles mag en alles moet kunnen. De overheid handhaaft niet (behalve als het gaat om anti-abortusdemonstranties!) en voert geen duidelijk, eenduidig en als rechtvaardig ervaren beleid. Heel vaak gaat het, ook al is het soms vanuit goede bedoelingen, alleen maar om macht en geld. In de volksvertegenwoordiging wordt nog maar weinig echt overlegd; er lijkt steeds minder sprake van uitwisseling van argumenten, elkaar overtuigen en samen zoeken naar het beste voor het land. Er worden stellingen en meningen naast elkaar gezet en er wordt geregeld gespeeld op personen en niet op de inhoud van allerlei onderwerpen. Postmodernistisch gedrag.

Er is sprake van toenemende eenzaamheid en ernstige psychische problemen en een tekortschieten van de geestelijke gezondheidszorg. In opvoeding en onderwijs doen zich steeds meer problemen voor. Steeds weer horen we over onrecht dat de overheid burgers aandoet. Het ene conflict volgt op het andere.
Zouden we niet beter kunnen spreken over een ‘naast-elkaar-leving’ i.p.v. samenleving? Dat is de geest van de tijd.

Vrijheid en gelijkheid
Ja, we chargeren nogal wat. Er zijn gelukkig nog veel goedwillende en fatsoenlijke medeburgers. Maar die zijn niet in staat om de ontwikkelingen te keren of zelfs tegen te houden. De bewegingen in de maatschappij zijn o.a. terug te voeren op de Franse Revolutie (1789) met haar slogans: ‘vrijheid, gelijkheid en broederschap’ en ‘geen god en geen meester’. Waarbij vandaag de doorgeslagen vrijheidsdrang en het niet erkennen van gezag  en vooral de zogenaamde gelijkheid de ontwikkelingen bepalen. En waarbij de broederschap steeds meer vergeten wordt …..

We zien aan de ene kant een enorme onverschilligheid en extreme verdraagzaamheid (laat ieder zijn gang gaan, bemoei je niet met elkaars leven, je bent volkomen vrij om jezelf kapot te maken) en aan de andere kant zeer ver gaande ònverdraagzaamheid en inperking (je màg geen kritiek hebben op de lhbti-beweging, op abortus en euthanasie, op de afbraak van het huwelijk, op de duurzaamheidsafgoderij).

In heel die maatschappelijke en politieke beweging wordt duidelijk, rechtvaardig en genormeerd leiding geven steeds meer gemist. Wordt ook het als burgers echt sámen leven steeds minder gezien. Steeds minder aangenaam.
We hoeven ons daarover niet te verbazen. De Heere heeft het ons voorzegd, o.a. in Mattheus 24: 12: “En doordat de wetteloosheid zal toenemen, zal de liefde van velen verkillen”.

En de kerk?
Midden in die verkillende, uit elkaar vallende, individualistische en egocentrische wereld staat de kerk van Christus. Met leden die zich door Christus geroepen weten. Eigendom van Christus. Mensen die anders zijn. “Dit zeg ik dan en getuig ervan in de Heere, dat u niet meer wandelt zoals de andere heidenen wandelen, in de zinloosheid van hun denken, verduisterd in het verstand, vervreemd van het leven dat uit God is, door de onwetendheid die in hen is, door de verharding van hun hart. Zij hebben zich, ongevoelig als ze zijn geworden, overgegeven aan losbandigheid, om alle onreinheid begerig te bedrijven. Maar u hebt Christus zo niet leren kennen, …” (Efeze 4: 17-20).
Of, zoals de NGB51 zo mooi en kernachtig weergeeft: “Maar gij geheel anders: gij hebt Christus leren kennen”. (Efeziërs 4: 20).

Ja, inderdaad anders. Gelovige mensen die Christus kennen en liefhebben, die vast in Hem geloven, zijn ten diepste anders. Zij zijn en worden vernieuwd door de Heilige Geest. Zij richten zich, als het goed is, op het leven met Christus en op het dienen van hun naasten. Zij worden steeds opgeroepen om in hun spreken en handelen ‘aangenaam’ te zijn.

Niet immuun
Maar ook die door het geloof andere mensen, ook wij, zijn nog steeds zondige en zwakke mensen. Leven als vreemdelingen in de wereld (zie bijv. I Petrus 2: 11: “Geliefden, ik roep u op als bijwoners en vreemdelingen ….. “) vraagt voortdurend oplettendheid, onderscheidingsvermogen en strijd. “Geliefden, geloof niet elke geest,  maar beproef de geesten of zij uit God zijn”. Zonder het werk van de Heilige Geest in ons komt daar niets van terecht. En dan nog blijft onze eigen verantwoordelijkheid voor keuzes die we maken. En struikelen we iedere dag.
Als gelovigen zijn we niet immuun voor de krachten in de maatschappij, voor de valse geesten die werken in de wereld, voor wat we noemen ‘de geest van de eeuw’. Ook in ons leven als christenen kunnen we bij onszelf vaststellen dat we beïnvloed worden door individualisme, door verkilling, door postmodernisme (mijn waarheid is evenveel waard als jouw waarheid), door gebrek aan echt gesprek en samen zoeken naar dé Waarheid. Wordt ook in ons vreemdelingenleven toch niet te vaak de wereld zichtbaar?

Vragen
Als je daarover nadenkt komen er vragen op. Bouwen en versterken we elkaar voldoende? Helpen we elkaar in het geloof? Spreken we elkaar aan en bemoedigen we elkaar? Waken we er voor dat niemand achter blijft? (“Laten wij er dan beducht voor zijn dat iemand van u ooit schijnt achter te blijven, terwijl de belofte om in Zijn rust binnen te gaan nog van kracht is.” Hebreeën 4: 1). Zoeken we voldoende samen de consensus, de Schriftuurlijke overeenstemming over allerlei zaken? Geven we goede Schriftuurlijke leiding in onze gezinnen? Aan onze kinderen? Aan de gemeente, als we daartoe geroepen zijn in het bijzondere ambt? Geven we op Bijbelse wijze leiding in verenigingen en  organisaties? En in ons dagelijks werk? En hoe ‘ontvangen’ we die leiding? Zien en ervaren zij die ‘buiten’ zijn in onze omgang dat we inderdaad anders zijn? Met andere woorden: zijn wij altijd ‘aangenaam’ genoeg?

Bijbelse begrippen
Als we over deze en soortgelijke vragen gaan nadenken, dan blijkt, als we elkaar willen bouwen in de kerk, en als we goede leiding willen geven in gezin en gemeente, dat we zicht moeten hebben op belangrijke Schriftuurlijke begrippen. Dan gaat het o.a. om dienstbaarheid, om liefde tot de naaste, om bijbelse wijsheid en bovenal om het vertonen van het beeld van  Christus.

We menen dat het de moeite waard is om over die begrippen na te denken. In enkele artikelen willen we daar opmerkingen over maken. Over hoe we ‘aangenaam’ kunnen en moeten zijn. En daarbij de Bijbel laten spreken. Ook willen we wat praktische zaken bespreken en handreikingen geven, bijv. over het omgaan met ernstige verschillen en met conflicten.

                                                                                                                                                                                                     (wordt vervolgd)

Pdf maken (via Printen)