17 JANUARI 2026 – ERKEND  

LEZEN: Joh. 17:6-10: … en zij hebben Uw woord in acht genomen … zij hebben daardwerkelijk erkend dat Ik van U uitgegaan ben … Ik bid … voor hen die U Mij gegeven hebt … En Ik ben in hen verheerlijkt …

Richting zijn Vader noemt Jezus ook het werk dat Hij aan en in Zijn discipelen heeft gedaan. Als eerste en belangrijkste noemt Hij dat Hij Zijn Vader aan hen heeft geopenbaard (vs.6). Hij heeft hen door Zijn woord, werk en wonderen verteld, voorgeleefd en verklaard Wie God de Vader is, wat Zijn heerlijke eigenschappen zijn en wat Zijn werk is. Dat wordt bedoeld met “Zijn naam geopenbaard”.

In 1:18 schrijft Johannes: “Niemand heeft ooit God gezien; de eniggeboren Zoon, Die in de schoot van de Vader is, Die heeft Hem ons verklaard”. Daarvoor had God de Vader aan Jezus Zijn discipelen geschonken.

Jezus geeft over hen een heerlijk getuigenis (vs.6v): ze hebben Zijn woorden aangenomen als woord van God de Vader en ze hebben Hem erkend als de door God de Vader gezonden Messias.

Dat duidt niet op prestatie van de kant van de discipelen maar op het werk van God de Vader en de Zoon. De Vader heeft hen uitverkoren en aan Zijn Zoon geschonken en Zijn Zoon heeft hen onderwezen en voorgeleefd inzake Zijn liefde en verlossingswerk. Zo werkte Hij bij hen geloof in Hem uit, dat uitkomt in hun erkenning en belijdenis (Matt. 16:16,17).

Zulk geloof mag zekerheid geven van de eeuwige zaligheid (3:15,16,36;8:51). Hun geloof is niet maar een gevoel van emotie maar is gebaseerd op kennis van de waarheid en vertrouwen in God (HC zondag 7).

Dat hun geloof momenteel nog zwak en onvolkomen is (vgl. 16:31), noemt Jezus hier niet. Hij weet dat zijn discipelen niet verloren gaan (behalve Judas, die Hem al heeft verlaten) en straks door Zijn opstanding en de uitstorting van Zijn Geest verder versterkt zullen worden.

Jezus draagt nu Zijn discipelen op aan de Vader. Er is uitverkiezing tot het eeuwige leven, maar die geldt niet de rest van de wereld. En Jezus bidt voor allen, die zijn uitverkoren en Hem door de Vader gegeven. Om hen het geloof in Hem te geven en dit in hen te versterken, zodat ze kunnen standhouden in de wereld. 

Danken we de Heere Jezus dat Hij voor ons bidt?        

Zingen: Gez. 13:5

Pdf maken (via Printen)