21 JANUARI 2026 – DRINKBEKER

LEZEN: Joh. 18:1-11: … Jezus dan, die alles wist, wat er over Hem komen zou … als u dan Mij zoekt, laat dezen weggaan … opdat het woord vervuld zou worden … Uit hen Die U Mij gegeven hebt, heb Ik niemand verloren laten gaan … De drinkbeker … zal Ik die niet drinken?  

Na dit gebed van Jezus tot Zijn Vader komt het moment dat Hij met Zijn discipelen naar de hof van Gethsémané gaat, die aan de overkant van de beek Kedron is gelegen tussen de oostmuur van Jeruzalem en de Olijfberg.

Jezus kwam daar waarschijnlijk vaker zodat Judas deze plaats kent. Johannes vermeldt niet de indringende gebeden die Jezus daar eerst opzendt naar Zijn vader terwijl de discipelen op Hem wachten.

Hij beschrijft het directe vervolg: Judas komt met een afdeling gewapende soldaten en enkele overpriesters en Farizeeën  op Jezus af. Jezus is daar volledig op voorbereid: het moet zo gebeuren volgens de wil van Vader (vs.4). Als Hij in alle rust vraagt: “Wie zoekt u?”, noemen de soldaten Zijn naam: Jezus de Nazarener.

Johannes vermeldt hier niet het kussen van Judas. Als Jezus dan weer in alle rust zegt: “Ik ben het” deinst de troep terug. Het zal zijn omdat Jezus Zich zonder enige verwarring aandient en koninklijk gezag uitstraalt.

Jezus stelt opnieuw de vraag wie ze zoeken. Hij bevestigt dan hun herhaalde antwoord en regelt direct dat Zijn discipelen dan vrij zijn, omdat alleen Hij gezocht wordt. Zo beschermt Hij Zijn volgelingen, zodat hen niets overkomt. Zij zouden op dit moment een gevangenschap samen met Jezus niet aankunnen, gezien hun nog zwakke geloof.

Johannes verwijst daarom naar het hogepriesterlijk gebed waarin Jezus  Zijn Vader daarop wijst. Zo bewaart Hij hen voor het verlies van hun geloof. Later, na Zijn opstanding, als ze de noodzaak van Jezus’ lijden en sterven begrijpen en aanvaarden, zullen ze de beproeving van verdrukking en vervolging omwille van hun geloof wel aankunnen.

Zo wordt Petrus door Jezus later wel voorbereid op zijn dood (Joh. 21:18,19). Dat Petrus het nu nog niet begrijpt blijkt uit zijn actie richting Malchus en zijn verloochening. Maar Jezus wijst erop dat Hij in deze weg van gevangenschap de raad van de Vader zal vervullen (vs.11). 

Is het nu als gelovige nog nodig je leven te geven?        

Zingen:   Gez. 14:1

Pdf maken (via Printen)