Artikel 47 KO
“Over de relatie met kerken in het buitenland beslist de generale synode.
Met kerken van gereformeerde belijdenis in het buitenland zal, zoveel mogelijk, kerkelijke gemeenschap geoefend worden.
Op ondergeschikte punten van kerkorde en kerkelijke praktijk zullen buitenlandse kerken niet veroordeeld worden.”
Zo luidt art. 47 van onze gereformeerde kerkorde.
Verbreid en verstrooid over heel de wereld
Dat artikel 47 is een belangrijk artikel. Daarin brengen de kerken tot uiting de belijdenis van art. 27 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis: “Ook is deze heilige kerk niet gevestigd in, gebonden aan, of beperkt tot een bepaalde plaats, of gebonden aan bepaalde personen, maar zij is verbreid en verstrooid over heel de wereld. Toch is zij met hart en wil samengevoegd en verenigd in eenzelfde Geest, door de kracht van het geloof.”
De kerken geven aan dat ze vanuit die belijdenis ook de roeping beseffen om met die wereldwijde kerk gemeenschap te hebben. Waar die kerk ook maar zichtbaar wordt in plaatselijke kerken. Een prachtige en belangrijke roeping
De gereformeerde kerken hebben die roeping altijd serieus genomen. De eeuwen door is er contact gezocht met buitenlandse kerken. Binnen de mogelijkheden die de Heere gaf. Dat begon al met de bekende Nationale Synode van Dordt, waar afgevaardigden aanwezig waren uit Engeland, De Paltz, Hessen, Zwitserland, Nassau, Genève, Bremen en Emden. (Die laatste drie toen min of meer zelfstandige stadstaten). Al die afgevaardigden namen deel aan de beraadslagingen en de stemmingen. Kerkelijke gemeenschap over de landsgrenzen.
Daarna is er altijd contact geoefend met buitenlandse gereformeerde kerken. Na iedere kerkreformatie weer opnieuw. Het laatst nog na de vrijmaking van 2003.
Eenheid in waarheid
Ons zoeken naar eenheid, landelijk en wereldwijd, zal altijd in overeenstemming moeten zijn met het Woord van Christus. Daar zullen we het allemaal over eens zijn. Een belangrijk Schriftgedeelte waaruit we die wil van Christus kunnen weten is het Hogepriesterlijk Gebed, Johannes 17. Het is een gebed van de Heere om de bewaring van Zijn toekomstige Kerk. Bewaring bij het Woord. Nee, het is geen bevel, geen letterlijke opdracht. Maar dat geweldige gebed maakt ons wel duidelijk wat de wil van de Heere is.
Wijlen ds. Joh. Francke zei het zo in een preek over Johannes 17: “In de toekomstige wereldkerk zal het altijd moeten zijn de enigheid van het ware geloof, van de ware leer, van de ware belijdenis. Andere eenheid is geen eenheid, wijl een eenheid zonder fundament”. En even verder, n.a.v. het verband met art. 28 NGB: “Maar we moeten daarbij stevig vasthouden: onze gehoorzaamheid aan dat kerkgebod ligt in de bewaring bij het Woord door de Vader.” En: “We houden dus vast, naar dit woord van de Heiland, dat dáár de eenheid is wáár de kerk bij het Woord wordt bewaard. ……… Het beslissende over de eenheid van de kerk is de volharding bij de ware leer. De Vader bewaart ons bij Zijn Woord, bij de ware leer en bij de ware belijdenis, OPDAT WIJ ÉÉN ZIJN.”[i]
Zusterkerkrelatie
De Gereformeerde Kerken in Nederland, de GKv en later DGK, hebben steeds vanuit die geopenbaarde wil van de Heere gestreefd naar zusterkerkrelaties met kerken in het buitenland.
Om duidelijk te maken wat dat in de praktijk betekende nemen we een kijkje in de Acta van de GS te Leeuwarden waarin dit in de voorstellen en besluiten heel goed en Schriftuurlijk werd uitgewerkt. [ii]
Wat is nu een zusterkerkrelatie?
“Een zusterkerkrelatie met buitenlandse kerken houdt in het naar gereformeerd belijden erkennen van elkaar als ware kerken van de Here Jezus Christus en het dienovereenkomstig oefenen van kerkelijke gemeenschap.”
Dat is het uiteindelijke doel van de roeping tot kerkelijke eenheid wereldwijd: elkaar kunnen erkennen als ware, dat is wettige kerken van Christus.
Vergewissen
Vergwissen is een wat ouderwets woord dat betekent zekerheid krijgen, je er van overtuigen. De synode van Leeuwarden gebruikt dat woord bij de uitwerking van nadere regels voor het aangaan van een zusterkerkrelatie:
“De Gereformeerde Kerken in Nederland zullen eerst een zusterkerkrelatie met een buitenlandse kerk aangaan nadat zij zich, met name door middel van deputaten, ervan vergewist hebben, dat deze kerken de gereformeerde belijdenis van het Woord van God niet slechts officieel hebben aanvaard, maar ook metterdaad tot gelding doen komen in hun kerkelijke praktijk van leer, eredienst, kerkregering en tucht.”
“Daarbij zal er rekening mee moeten worden gehouden,
2.1. dat de Here Christus zijn kerk onder verschillende volken, die elk door hun bijzondere geografische ligging, historie en cultuur zijn bepaald, vergadert, zodat buitenlandse kerken om verschillen op ondergeschikte punten inzake wijze van belijden, liturgie, kerkorde en praktijk niet veroordeeld zullen worden;
2.3. dat er in bepaalde landen meer dan één verband van kerken kan bestaan dat erkend dient te worden als verband van ware kerken van onze Here Jezus Christus. Daarom kan de mogelijkheid van een relatie met meer dan één verband van kerken in hetzelfde land niet altijd zonder meer uitgesloten worden. In een dergelijke situatie van ‘dubbele correspondentie’ zal vanwege Christus’ gebod tot eenheid niet worden berust, maar zij zal onderwerp van gesprek dienen te blijven.
Toezien
Zusterkerken in het buitenland zien op elkaar toe. Ze gaan met elkaar om op de zelfde manier als de kerken in het eigen kerkverband.
“Daarvoor zullen tenminste de volgende regels gelden:
3.1. De kerken zullen over en weer op elkaar toezien, dat in leer, kerkregering, tucht en eredienst niet afgeweken wordt van de gereformeerde leer.”
3.3. De kerken zullen elkaar informeren met betrekking tot het aangaan van relaties met derden.
3.4. De kerken zullen elkaars attestaties aanvaarden, wat ook betekent het toelaten van de leden van de desbetreffende kerken tot de sacramenten op vertoon van die attestaties.
3.5. De kerken stellen in principe de kansels voor elkaars predikanten open met inachtneming van de bepalingen, voor het eigen kerkverband aanvaard.
3.7. De kerken zullen elkaars afgevaardigden op hun meeste vergaderingen ontvangen en hen uitnodigen zitting te nemen als adviseurs, zoveel dit mogelijk is.”
Decennia lang zijn onze kerken zo omgegaan met kerken in andere landen. In de vrijmaking van 2003 hebben de kerken (DGK) de woorden van Leeuwarden gehandhaafd. Omdat ze in overeenstemming zijn met wat de Bijbel leert en wat we in de belijdenis naspreken.
Drie stappen
Een zusterkerkrelatie ontstaat niet uit het niets. Het begint met een eerste kennismaking. En dan zetten de beide kerken waar het om gaat meerdere stappen voordat beide elkaar erkennen als zusterkerken. Er werd gekozen in de GKv voor een systeem van kerkelijke contacten op 3 niveaus. Je zou ook kunnen zeggen 3 fasen, 3 stappen.
Die stappen waren in de GKv en in DGK ongeveer de volgende.
1. De fase van kerkelijk contact.
Echt een eerst kennismaking. Is er wederzijdse belangstelling? Zien we dezelfde roeping? Wie zijn wij? Willen we verder contact met elkaar onderhouden?
2. Kerkelijke correspondentie.
Een stap verder. De fase van het ‘vergewissen’. Dieper onderzoek naar elkaar. Hebben we inderdaad de zelfde gereformeerde, dat is Bijbelse leer? Als een kerk de Westminster Confessie heeft, hoe wordt daar dan mee omgegaan? Is er een duidelijke binding aan de belijdenis? Zijn er punten waarop we van elkaar afwijken? Zijn die punten ondergeschikt of fundamenteel? Het is de fase van elkaar de nieren proeven, van elkaar onderwijzen en wellicht vermanen.
3. Zusterkerk.
En als de Heere de contacten zegent zullen twee kerken in twee verschillende landen elkaar erkennen als zusterkerken. Zoals we dat hierboven hebben omschreven.
ICRC
We nemen nu weer een stapje, we gaan naar de ICRC. De ICRC is een Internationale Conferentie van Gereformeerde Kerken wereldwijd. Opgericht door een zestal gereformeerde keken in Nederland (GKv), Australië, Canada, Indonesië en Schotland. In 1982.
Het ontstaan van de ICRC leidde tot een tweede vorm van kerkelijk contact. Veel vrijblijvender. Samenwerking van gereformeerde kerken wereldwijd zonder streven naar werkelijke eenheid. Dat bleek al gauw toen de ICRC enorm groeide en ook heel veel presbyteriaanse kerken lid werden. Dat was niet onomstreden. Het leidde er toe dat de regels van Leeuwarden vervaagden en niet meer werden gehandhaafd. In een volgend artikel hopen we daar op terug te komen. Na de vrijmaking van 2003 hebben de voormalige DGK zich bewust niet aangemeld als lid en zelfs niet als waarnemer. Om principiële redenen. Omdat er geen sprake meer was, zo meenden we in DGK, van eenheid in Waarheid. De voormalige GKN werden wel lid.
Systeem van kerkelijke contacten
Sinds de eenwording van DGK en GKN, sinds de GS van Groningen/Kornhorn, 2024, zijn we nu als kerkverband van de Gereformeerde Kerken in Nederland lid van de ICRC. Dat raakt dus alle gemeenten en alle kerkleden.
Op die synode werd ook besloten tot een ander systeem van kerkelijke contacten.
A) Zusterkerkrelatie, B) Correspondentierelatie en C) Vriendschapsrelatie.
Dat zijn niet alleen maar een paar andere woorden. Ook de inhoud is veranderd.
We menen dat in het lid worden/zijn van de ICRC en in het opzetten van een ander systeem voor kerkelijke contacten de zelfde ontwikkeling is te zien, de zelfde ‘rode draad’.
In enkele vervolgartikelen willen we nader ingaan op deze zaken en nagaan wat ze betekenen voor ons kerkelijk leven en onze gemeenten. En bovenal wat ze betekenen in het licht van onze roeping om te zoeken naar de eenheid in de waarheid.
[i] Ds. Joh. Francke, Eenheid door bewaring, preek over Joh. 17: 11b
[ii] Acta GS Leeuwarden 1990, art. 93, art. 93
