7 OKTOBER 2026: VERZOEKINGEN

LEZEN: Luk. 4:1-13: …. Veertig dagen verzocht … door de duivel … want er staat geschreven …

De duivel valt Jezus direct aan. Als echt mens is Hij wel zonder zonde, maar Hij is wel gevoelig en staat ook bloot aan ontberingen, moeiten, verleidingen, angsten en verzoekingen. Adam was aanvankelijk zonder zonde, maar hij bezweek onder de verzoeking van de duivel. Nu wordt Jezus verzocht op een extreme manier, zoveel zwaarder dan Adam.

Het begint met een uitgeput lichaam dat veertig dagen zonder voedsel is. De duivel wijst dan op een van de vele stenen in de woestijn: als U de Zoon van God bent maak hem dan tot brood. Waarom zou dat niet mogen in deze situatie? Dat mag niet als dat tegen de wil van de Heere God is.

Jezus laat later wel zien dat Hij hiertoe in staat is. Hij maakt dan vele manden vol met brood en vis bij de wonderbare spijziging. Maar nu is de situatie anders. Hier staat de mens Jezus bloot aan wat de Vader Hem doet ondergaan: hitte en honger.

Adam bezweek onder de test van de Vader door de verboden vrucht aan te nemen zelfs zonder dat er sprake was van honger. Maar Jezus wil als mens zich volledig voegen naar wat Vader hem oplegt en vertrouwt erop dat Vader voor Hem zorgt. Hij grijpt niet naar Zijn goddelijke macht om Zichzelf buiten Vader om te redden. Hij volgt Vader ook nu Hij verzocht wordt.

Jezus wijst de duivel erop wat geschreven staat in Gods Woord, in Deut. 8:3: “dat de mens van brood alleen niet zal leven, maar van elk woord van God”. Zo houdt Jezus vast aan Vaders Woord: “U bent Mijn geliefde Zoon, in U heb Ik Mijn welbehagen!”.

Vervolgens probeert de duivel Jezus zover te krijgen om hem te aanbidden door het tonen van alle koninkrijken van de wereld, waarschijnlijk in een visioen. De duivel suggereert dat hij over de heerlijkheid van die koninkrijken beschikt om ze aan Jezus te kunnen geven. Jezus hoeft alleen maar te knielen.

Maar Jezus doorziet hem en wijst opnieuw naar Gods Woord (Deut. 6:13; 10:20). Bij de laatste verzoeking misbruikt de duivel Gods Woord. Maar Jezus wijst dit af: U zult de Heere uw God niet verzoeken.

Welk voorbeeld geeft Christus ons hiermee?              

Zingen: Ps. 91:6,8

Pdf maken (via Printen)